• Home
  • Er zijn discipelen van Baäl in Amerika en de westerse wereld. – Deel 1
7 januari, 2023
Sheldon Emry

Er zijn discipelen van Baäl in Amerika en in het Westen. Er zijn daadwerkelijk mensen die, wat in de Schriften bekend staat als, Baäl aanbidden. Veel van onze mensen weten gewoon niet wat Baälverering is. Ze begrijpen het niet en herkennen het niet als ze het zien. Het kan vergeleken worden met het herkennen of begrijpen van een ziekte. Iedereen weet dat er een ziekte bestaat die kanker heet. In feite manifesteert kanker zich op verschillende manieren. Maar ik durf te gokken dat niemand in deze wereld iemand aankijkt en zegt dat die persoon kanker heeft. Niet omdat ze niet intelligent zijn, en niet omdat kanker niet bestaat, maar omdat de symptomen zo verschillend zijn en over het algemeen onbekend zijn voor de gemiddelde leek.

Hetzelfde geldt voor de Baälverering. Ons volk is zo onwetend over de historische boeken van de Bijbel die ons vertellen wat Baälverering is, dat Baälverering feitelijk in ons land bestaat en de mensen niet weten dat het gebeurt.

Laat ik eerst definiëren wat een christen is, dan wordt het misschien wat gemakkelijker om de discipelen van Baäl te herkennen. Het woord christen komt slechts drie keer voor in onze Bijbel. In het zesentwintigste hoofdstuk van Handelingen preekt Paulus voor koning Agrippa. Nadat hij een tijdje gepreekt heeft, zegt koning Agrippa:

“…. Gij hebt mij overgehaald om christen te worden.” Handelingen 26:28

Dus, wat koning Agrippa ook geworden zou zijn als hij alles geloofde wat Paulus predikte, blijkbaar paste de naam “christen” daarbij. De term “Christen” komt ook voor in 1 Petrus:

“Indien u om de naam van Christus wordt verweten, zijt gij gelukkig; want de geest der heerlijkheid en van God rust op u; van hun kant (van de ongelovigen) wordt kwaad over Hem gesproken, maar van uw kant wordt Hij verheerlijkt. Maar laat niemand van u lijden als een moordenaar, of als een dief, of als een boosdoener, of als een bemoeial in andermans zaken. Maar als iemand als christen lijdt, laat hij zich dan niet schamen, maar laat hij God daarvoor verheerlijken.” 1 Petrus 4:14-16

Dit is een gedeeltelijke beschrijving van een christen; dat de geest en de glorie van God op hem rust; hij is geen misdadiger, hij is geen bemoeial, hij is niet iemand die problemen veroorzaakt onder andere mensen en hij verheerlijkt God.

Wat misschien wel de beste eenvoudige aanwijzing is over wat een christen is, is te vinden in het elfde hoofdstuk van Handelingen:

“….En de discipelen werden eerst in Antiochië christenen genoemd.” Handelingen 11:26

Wat een christen ook is, hij moet eerst een discipel zijn. Volgens deze eenvoudige verklaring in Handelingen waren het de discipelen die het eerst christenen werden genoemd.

De betekenis van het woord christen in het woordenboek is eigenlijk niet volledig genoeg, want er staat: “iemand die belijdt in Christus of de godsdienst van Christus te geloven.” Ik geloof dat u, als u deze studie voortzet, zult zien dat er veel mensen zijn die belijden in Christus te geloven, die eigenlijk geen discipelen van Christus zijn. In veel gevallen zijn het discipelen van Baäl. Laten we dus in plaats daarvan de betekenis van discipelschap bestuderen; dat zal voor ons een gemakkelijker manier zijn om te begrijpen wie de discipelen van Baäl zijn, en wie de discipelen van Christus.

De definitie van discipel in het woordenboek is vrij lang, maar ik zal het in het kort zo samenvatten: “iemand die gelooft in een leraar van een leer en zijn leer gehoorzaamt en helpt bij de verspreiding van zijn leer.”

Discipelschap bestaat duidelijk uit drie delen. Het gaat niet alleen om belijdenis van geloof, maar ook om daadwerkelijke gehoorzaamheid aan de leer van de leraar die de discipel volgt. De discipel moet ook helpen de leer te verspreiden.

Sommigen van u zijn misschien een beetje verward door het kijken naar belijdende christenen die zeggen te geloven in de leerstellingen van Christus, maar zij gehoorzamen die leerstellingen niet, en zij helpen niet bij het verspreiden ervan. De reden hiervoor kan zijn dat zij in feite een andere leer verspreiden van een andere leraar of een andere god.

Laten we eens onderzoeken wat Baälverering is volgens de Bijbel. Er worden in het Oude en Nieuwe Testament zes namen gebruikt voor Baäl. Eén naam is natuurlijk Baäl; een andere is Baalim. Overal waar Baalim in het Oude Testament voorkomt, wordt het vertaald uit hetzelfde Hebreeuwse woord. Het had net zo goed Baal kunnen zijn. De overige namen zijn Molech en Moloch, Malcham en Milcom. Die namen worden gebruikt omdat het Moabitische of Ammonitische namen van Baäl zijn. Ze betekenen eigenlijk Baäl, maar ze zijn daar gezet in een transliteratie van de Moabitische of Ammonitische naam in plaats van Baäl te gebruiken.

De eerste keer dat het woord Baäl in de Bijbel wordt gebruikt is in het tweeëntwintigste hoofdstuk van Numeri. Ik denk dat u het met me eens zult zijn dat het heel veelzeggend is wat er gebeurde toen dat woord voor het eerst werd gebruikt.

Dit hoofdstuk spreekt over Balak, de koning van de Moabieten, die Balaam (die blijkbaar een priester van Baäl was) had ingehuurd om Israël te vervloeken.

“Hij zond boden naar Balaam, de zoon van Reor, naar Pethor, aan de rivier van het land van de kinderen van zijn volk, om hem te roepen, zeggende: Zie, er is een volk uit Egypte gekomen; zie, zij bedekken het aanschijn der aarde, en zij blijven tegen mij: Kom dan nu, ik bid u, vervloek mij dit volk, want het is mij te machtig; misschien zal ik zegevieren, opdat wij hen slaan, en ik hen uit het land verdrijf; want ik weet, dat hij, die gij zegent, gezegend is, en hij, die gij vervloekt, vervloekt is.” Numeri 22:5-6

Balaam had blijkbaar de reputatie een soort macht te hebben om mensen te vervloeken of te zegenen. Balak, koning van de Moabieten, riep hem en bood hem blijkbaar loon aan om de kinderen van Israël te vervloeken.

“En het geschiedde des anderen daags, dat Balak Balaam nam en hem opvoerde naar de hoge plaatsen van Baäl, opdat hij het grootste deel van het volk zou zien.” Numeri 22:41

Balak nam Balaam mee naar de plaats waar Baäl werd aanbeden, opdat hij het gehele huis van Israël zou zien. Met welk doel? Om twee dingen te doen: het hele volk Israël te bespioneren en Israël te vervloeken.

De eerste keer dat het woord Baäl in de Bijbel wordt gebruikt, is dus wanneer iemand probeert de kinderen van Israël te vernietigen en daarvoor de hoge plaatsen van Baäl gebruikt.

Het vervloeken door Balaam leek geen effect te hebben, want telkens als hij zijn mond opendeed om te spreken, liet God hem dingen zeggen die een zegen waren voor de kinderen van Israël. Maar verder in Numeri lezen we:

“En Israël verbleef in Shittim, en het volk begon hoererij te bedrijven met de dochters van Moab. En zij riepen het volk tot offers van hun goden; en het volk at en boog zich voor hun goden. En Israël sloot zich aan bij Baalpeor; en de toorn des Heren werd tegen Israël ontstoken.” Numeri 25:1-3

Dit is de tweede keer dat het woord Baäl in de Bijbel wordt gebruikt. De eerste keer probeerden de vijanden van Israël, Israël te vervloeken vanuit de hoge (of aanbiddings)plaatsen van Baäl. De volgende keer dat de term Baäl wordt gebruikt, zien we dat Israël feitelijk is begonnen met het aangaan van een huwelijk met niet-Israëlieten, onmiddellijk gevolgd door het aanbidden van Baäl.

Deze seksuele gemeenschap met niet-Israëlieten is onderdeel van de Baälverering. Dit wordt bevestigd in Openbaring 2:14, waar Jezus Christus zegt:

“Maar Ik heb een paar dingen tegen u, omdat gij hen daar hebt die de leer van Balaam aanhangen, die Balac leerde om een struikelblok voor de kinderen Israëls te werpen, om dingen te eten die aan afgoden worden geofferd, en om hoererij te plegen.” Openbaring 2:14

Ontucht, zoals beschreven in hoofdstuk vijfentwintig van Numeri, is het huwelijk tussen rassen. Het enige waar Balak en Balaam dus succesvol in waren, was om Israël zover te krijgen dat ze aan afgoden offerden en ontucht pleegden.

De eerste twee keer dat Baälaanbidders, of de discipelen (volgelingen) van Baäl, de kinderen van Israël tegenwerkten, probeerden zij drie dingen. Zij zorgden ervoor dat Israël interraciale huwelijken sloot, zij gebruikten de Baälverering om Israël te bespioneren, en zij probeerden Israël te vervloeken. Wat Baälverering ook is, het wordt tegen de kinderen van Israël gebruikt vanaf de eerste keer dat we er in de Bijbel over lezen. De eerste manifestatie van Baälverering in de Bijbel is als vijand van de kinderen van Israël.

Het boek Rechters vertelt het verhaal van Israël dat zich van God afkeert om Baäl te aanbidden en vervolgens wordt gestraft. Laten we het tweede hoofdstuk van Rechters bekijken; Israël is in het land Kanaän en Jozua is gestorven:

“En de kinderen van Israël deden kwaad in de ogen van de Heer en dienden Baälim: En zij verlieten de Here, de God hunner vaderen, die hen uit Egypteland gebracht had, en volgden andere goden, de goden der volken, die rondom hen waren, en bogen zich voor hen, en provoceerden de Here tot toorn. En zij verlieten de Here, en dienden Baäl en Ashtaroth.” Rechters 2:11-13

Baalim is hetzelfde Hebreeuwse woord als Baäl, en betekent dus Baäl. Je ziet hier dat Baälverering ook een veelvoud van goden is, het is niet slechts één god. Baälim dienen betekende ook Ashtaroth dienen.

In Rechters, hoofdstuk tien, staat nog een voorbeeld van Israëls afkeer van de Heer. Dit gebeurde nadat ze in gevangenschap waren gestuurd en vervolgens uit hun gevangenschap waren gered.

“En de kinderen Israëls deden weer kwaad in de ogen des Heren, en dienden Baalim en Ashtaroth, en de goden van Syrië, en de goden van Zidon, en de goden van Moab, en de goden van de kinderen van Ammon, en de goden van de Filistijnen, en zij verloochenden de Here, en dienden Hem niet. En de toorn des Heren werd heet tegen Israël, en Hij verkocht hen in de handen der Filistijnen, en in de handen der kinderen van Ammon.” Rechters 10:6-7

Merk op dat God de kinderen van Israël als straf daadwerkelijk verkocht aan de mensen die Baäl aanbaden. Je zou denken dat God zou proberen hen daar weg te krijgen. Nee – de straf van God was eigenlijk om hen in handen te geven van de mensen die Baäl en die andere goden aanbaden.

Ons zogenaamde religieuze feest van Pasen komt eigenlijk van Ashtaroth. Het is de aanbidding van de vrouw van de god Baäl. Dat is wie Ashtaroth was.

Ik wil citeren wat Halley’s Bijbelhandboek zegt, dat eigenlijk doorging en werd uitgevoerd door de discipelen van Baäl. Dit is een beschrijving van wat christelijke mannen hebben gevonden bij opgravingen in het oude Kanaänland. Het is gekoppeld aan wat de Bijbel zegt over Baälverering. Het spijt me dat ik sommige van deze dingen moet citeren, maar ik geloof dat Gods volk in Amerika de Baälverering zal moeten erkennen. Anders zullen zij worden misleid door te denken dat veel van deze dingen uitingen van onze godsdienst zijn, terwijl dat in feite niet zo is.

In Halley’s Bijbelhandboek staat onder “Religie van de Kanaänieten”:

“Religie van de Kanaänieten: Baäl was hun belangrijkste god; Ashtoreth, Baäl’s vrouw, hun belangrijkste godin. Zij was de personificatie van het voortplantingsprincipe in de natuur. Ishtar was haar Babylonische naam; Astarte haar Griekse en Romeinse naam. Baalim, het meervoud van Baäl, waren beelden van Baäl; Ashtaroth, het meervoud van Ashtoreth. Ashera was een heilige paal, kegel van steen of een boomstam. die de godin voorstelde.”

Astarte is waar “Pasen” vandaan komt. Wat is deze “heilige paal”? Nou, het dansen rond de meipaal op 1 mei is eigenlijk een van de dingen die de Baäl-aanbidders daar deden. Ze hadden een paal en dansten er in een cirkel omheen. Dit wordt over de hele wereld gedaan door deze goddeloze mensen; ze dansen rond een meipaal. Laten we verder lezen uit Halley’s:

“Tempels van Baäl en Ashtoreth waren meestal samen. Priesteressen waren tempelprostituees. Sodomieten waren mannelijke tempelprostituees. De aanbidding van Baäl, Ashtoreth en andere Kanaänitische goden bestond uit de meest extravagante orgieën; hun tempels waren centra van ondeugd.”

We hebben het over religieuze oefeningen. Veel mensen zien deze dingen gebeuren in Amerika en denken dat deze mensen gewoon zondaars zijn. Nee, dit was eigenlijk onderdeel van de religie van Kanaän. Ze deden deze dingen als een religieuze oefening.

Abonneer dan nu op onze nieuwsbrief

en ontvang deze in jouw mailbox!

Abonneer nu!

Meer informatie

>