• Home
  • Bestaat de duivel? – Deel 5

Het “Onze Vader”

Het Onze Vader wordt algemeen gehouden voor het gebed dat de Heiland zijn volgelingen geleerd heeft te bidden. Het betreft hier één van de bekendste gebeden uit de Bijbel. De meeste christenen kunnen dit gebed uit hun hoofd opzeggen.

Mogen wij de kritische vraag stellen of Jezus inderdaad Zijn volgelingen een formule heeft gegeven als gereedschap om daarmee aan te kloppen bij de hemelse Vader? Er zijn Bijbelonderzoekers die stellen dat het Onze Vader niet door Jezus kan zijn samengesteld, gezien de tegenstrijdigheden erin, maar dat berust op foutieve vertaling ervan.  Elke vorm en zin van het Onze vader werd reeds gebruikt in de joodse synagogen en Babylonische tempels. In John Gregorie’s boeken staat het volgende gebed te lezen uit de joodse Euchologen. Aan de echtheid en oudheid ervan wordt niet getwijfeld. (zie John Gregorie’s works):

“Onze Vader, die in de hemelen zijt, wees ons genadig; O Heer onze God, uw naam worde geheiligd en laat de herinnering aan u verheerlijkt worden boven in de hemel zowel als hier beneden op de aarde. Laat uw koninkrijk over ons heersen nu en altijd. De heilige mannen van vroeger zeiden: vergeef alle mensen, wat zij tegen mij misdaan hebben en scheld hun dat kwijt. En leid ons niet in verzoeking, maar verlos ons van het kwade. Want uwer is het koninkrijk en gij zult heersen in heerlijkheid in alle eeuwigheid”. (C.W. Leadbeater, De wetenschap der sacramenten p.271)

Het Onze Vader zoals in het N.T. staat kan gemakkelijk uit het hoofd worden geleerd en daarna worden opgedreund, zonder erbij na te denken. Dan wordt het automatisme, een steeds terugkerend refrein zonder inhoud.

Zou Jezus ons daarin zijn voorgegaan? En dan theologisch gezien zijn de volgende bezwaren te noemen, die berusten op een foutieve vertaling zoals in de Statenvertaling en andere vertalingen weergegeven:

Onze Vader die in de hemelen zijt. Hier worden wij geconfronteerd met de joodse tweedeling van het wereldbeeld, een boven-wereld der Godheid en goeden, de hemel. En de beneden-wereld voor de duivel en slechten. God is niet de verre Godheid. Hij is nabij ons, en de hemelse heerlijkheid is reeds in en rondom ons, indien we het maar zien!

Uw Naam worde geheiligd. Dat doet ons meer aan een wens denken dan aan een daad. Zijn Naam is reeds geheiligd door Hemzelf, en dat dient door ons erkend te worden. Dus Zijn Naam niet vertalen of veranderen in Heer of Here, maar laten staan zoals deze is, nl. God en Elohim! De oorspronkelijke tekst staat echter in de aanvoegende wijs: Uw Naam wordt geheiligd! En zo behoort het te zijn.

Uw Koninkrijk kome. Zijn koninkrijk is er reeds, het is midden onder ons en in ons, zie Lucas 17:21  En men zal niet zeggen: Ziet hier, of ziet daar, want, ziet, het Koninkrijk Gods is binnen ulieden. De goede vertaling is, dat het koninkrijk gestalte dient te krijgen, nu.

Uw wil geschiedde in hemel en op aarde. Dit is eveneens een wens. Een waar gelovige weet dat Zijn wil geschiedt, want Gods wil is wet. De juiste vertaling is: Uw wil dient te geschieden! Geen verzoek, maar bevel.

Geef ons heden ons dagelijks brood. Wanneer wij God zouden moeten vragen om ons dagelijks brood, moet dat symbolisch zijn bedoeld, want geen enkel mens krijgt zijn brood regelrecht vanuit de hemel, zoals Israël in de woestijn het manna ontving. Wij dienen te zaaien en te oogsten en te werken voor ons brood. Het brood komt niet uit de hemel vallen! De juiste vertaling is: Gij geeft ons ons dagelijks brood(woord van God). Geen bede, eerder een dankzegging.

Vergeef ons onze schulden, gelijk wij vergeven onze schuldenaren. Zijn wij als gelovigen dan nog beladen met zonden? Zijn wij nog onverbeterlijke zondaars, waarop God Zich zou wreken? Een gelovige heeft vergeving. Wij ontkennen niet dat een gelovige nog kan zondigen en ook zeker misstappen begaat. Wij zijn allen nog onvolmaakt. Alleen hanteren wij een foutief begrip van het zondaar-zijn. Een kettingroker is een verslaafde. Wanneer hij afgekickt is en daarna af en toe nog eens zou roken, is er geen sprake meer van verslaving. Een zondaar die verlost is, en bij wie de zonden vergeven zijn, maar die af en toe nog zondigt, is géén zondaar meer, geen notoire overtreder of recidivist. Gelovigen zeggen het veel te gemakkelijk van zichzelf dat ze nog zondaars zijn. De Schrift noemt de ware geloven “heiligen” en “rechtvaardigen”. De oude mens hébben zij afgelegd en de nieuwe mens hebben zij aangedaan. (Voltooid tegenwoordige tijd). De juiste vertaling is: Gij vergeeft ons onze schulden. Geen bede, maar klare geloofszekerheid.

Leidt ons niet in verzoeking.  Dit is een grove belediging aan het adres van onze hemelse vader, want God verzoekt niemand, zie Jakobus 1:13 Niemand, als hij verzocht wordt, zegge: Ik word van God verzocht; want God kan niet verzocht worden met het kwade, en Hij Zelf verzoekt niemand. De juiste vertaling is: Gij leidt ons niet in verzoeking maar verlost ons van het boze.

En verlos ons van de boze. Alsof het hier zou gaan om een externe boze persoonlijkheid, waarvan wij verlost dienen te worden. Deze bede getuigt van een waar gebrek aan geloofsvertrouwen. Wij dienen immers als gelovigen de boze zelf te wederstaan, en hij zal van ons vlieden.

Niet de externe boze(n), maar de interne, het boze oog en kwade hart, zie Jeremia 17:9 Arglistig is het hart, meer dan enig ding, ja, dodelijk is het, wie zal het kennen?

Wij zijn verantwoordelijk voor het kwaad. De verlossing door Jezus bestaat in iets geheel anders dan de beteugeling van een externe boze figurant. Het gaat om de innerlijke bevrijding, de afbraak van de oude mens en oprichting van de nieuwe mens.

2 Corinthiërs 5:17  Zo dan, indien Zo dan, indien iemand in Christus is, die is een nieuw schepsel; het oude is voorbijgegaan, ziet, het is alles nieuw geworden.

Slotsom

Wij hopen met deze studie een bijdrage te hebben gegeven om bijgeloof en waandenkbeelden omtrent eeuwenlange ideeën van mensen de wereld uit te helpen. De eeuwige straf der hel is als dogma in Europa bijna algemeen aangenomen geweest, hoewel dat berustte op verkeerde vertalingen en fantasie van vroege kerkvaders en monniken. Tijdens de Middeleeuwen en Reformatie is hierin nog geen verandering gekomen, maar diende dit dogma als boeman om de leken er schrik mee aan te jagen. Latere theologen hebben wel enige aanpassingen gemaakt, die echter nog erg vaag zijn. Alle kerken hebben hun leerstellingen ingewikkeld gemaakt en zo gelaten, omdat men vast wilde blijven houden aan onmogelijke en ongegronde leerstellingen. Wij dienen ons vrij te maken van allerlei vroegchristelijke en heidense opvattingen, uit welk tijdperk dan ook, of door welke “heiligen” dan ook opgesteld. Wij hebben er recht op te weten wie wij zijn, wie de Godheid is, en of de De Drie-eenheid afgebeeld Godheid een zwarte tegenpool heeft in een persoonlijke satan als gevallen engel. Een mens heeft geen onsterfelijke ziel, zoals ons wordt voorgehouden. De mens is een levende ziel, en wanneer de mens sterft weet hij niet met al, Prediker 9. De hel en de duivel trekken niet direct na het sterven de ziel van een kwaad mens tot zich. De huidige paus heeft het toegegeven dat de hel zoals de kerk deze leerde, niet bestaat. Ds. A. Moerkerken schreef in het RD 31-122004 dat de hel het graf is.

Wij behoeven de Godheid niet te vragen of Hij ons wil verlossen van de Boze, want die taak hebben wijzelf. Wij dienen de boze te weerstaan, en hij zal van ons vlieden. Ziedaar wat wij te doen hebben. Geen aandacht meer schenken aan fabels en duivels met eeuwig brandende helle vuren, dan verdwijnen ze vanzelf. Want zelfs God verbied in Zijn wet het verbranden van mensen. Want God is de lof, dankzegging en eer, tot in alle eeuwen. Hij is Licht en glans geen duisternis is in Hem!

Abonneer dan nu op onze nieuwsbrief

en ontvang deze in jouw mailbox!

Abonneer nu!

Meer informatie

>